Welke werken worden niet beschermd door het auteursrecht?

Geen bescherming aan ideeën

De basisregel nummer één is dat het auteursrecht geen bescherming biedt aan ideeën, hoe geniaal deze ook mogen zijn. Abstracte ideeën, gedachten, principes, methoden, theorieën en opvattingen op zichzelf, genieten geen bescherming via het auteursrecht. Het auteursrecht biedt enkel bescherming aan de concrete vorm waarin de ideeën zijn uitgedrukt. Daarenboven moet de concrete vorm beantwoorden aan de originaliteiteis. Hierover vind je ook uitleg bij “wanneer is mijn werk origineel in de zin van de auteurswet?”.

Iedereen mag bijvoorbeeld een film maken over een jongetje in een tovenaarsschool : enkel de concrete uitgewerkte vorm zal worden beschermd door het auteursrecht; elkeen is vrij een boek te schrijven over een reis rond de wereld.

Een welbepaalde stijl is eveneens niet beschermd: bij het maken van een film of een schilderij kan men zich dus laten inspireren door de stijl van anderen. Men kan bijvoorbeeld een film maken in de stijl van Tarantino of een schilderij maken in de stijl van Magritte.

Enkel de concrete vorm wordt beschermd, de veruitwendiging van het idee, de zintuiglijk waarneembare vorm. Samengevat kan er dus gesteld worden dat enkel zichtbare en hoorbare zaken worden beschermd.

Het idee om een boek te schrijven over de zoektocht naar de Heilige Graal is niet beschermd. Het Hooggerechtshof in Londen heeft op 7 april 2006 geoordeeld dat het succesboek ’De Da Vinci code’ van Dan Brown geen plagiaat is van het boek ’The Holy Blood and the Holy Grail’ van de Britse auteurs Michael Baigent en Richard Leigh. Voormelde auteurs beweerden dat Dan Brown ideeën gestolen had uit hun boek ’The Holy Blood and the Holy Grail’. Onder meer het idee dat Jezus en Maria Magdalena samen een kind hadden, zou Brown uit hun boek gehaald hebben. De twee schrijvers spanden een proces aan tegen uitgeverij Random House. De rechter oordeelde dat Brown uit ’The Holy Grail and the Holy Blood’ putte, maar geen stukken kopieerde. Inspiratie halen bij anderen kan, maar de vormgeving kopiëren kan niet.

Een andere illustratie uit de rechtspraak vinden we terug in het domein van de choreografie (zaak Béjart/Plan K. – Flamand: Brussel 18 september 1998) waar de choreograaf Flamand bij de opvoering van ’De val van Icarus’ een vertoning laat zien van een quasi naakte danser met vleugels en op zijn rug en voeten waren televisies vast gemaakt waarop beelden te zien waren. M. Béjart gebruikt hetzelfde ’idee’ in zijn stukken ’Le presbytère’ en ’De val van Icarus’, op grond van de redenering dat het om een idee ging en deze niet beschermd zijn door het auteursrecht. De rechter oordeelt hier anders over en zegt dat deze vertoning een concrete vorm betreft die niet zomaar door iedereen mag worden overgenomen. Deze afbeelding van de man met vleugels en televisie was ook te zien geweest op de affiche.

In de zaak Euro Shoe/Brantano (Cass. 19 maart 1998) werd het principe herhaald dat een concept of een idee niet wordt beschermd door het auteursrecht. In casu ging het om een beweerde namaak van het publicitair concept van een reclamecampagne van Brantano waarbij een grote schoen werd afgebeeld tegen een egale achtergrond met daarboven een ludieke tekst.

Ook in het domein van de TV-formats is de grens tussen idee en vorm niet altijd even duidelijk. In de zaak Show and Tell/VTM (Hof van Beroep van Brussel, 18 juni 1996) ging het over het concept ’easy does it’ voor een televisieprogramma ’Pico bello’ over lifestyle en aanverwante thema’s. ’Easy does it’ zou één van de vaste rubrieken van het lifestyleprogramma vormen. De vordering werd door de rechter in beroep afgewezen omdat het concept niet voldoende origineel was. Volgens de rechter was de opbouw van het programma volkomen banaal en was er geen persoonlijke stempel van de auteur in terug te vinden.

In de zaak ’Golfbreker’ (Hof van Beroep van Brussel, 15 oktober 2002) was de rechter wel van oordeel dat de vormgeving van een radioprogramma moet worden beoordeeld als iedere andere vormgeving en dat deze beschermbaar is van zodra zij origineel is, met name uitdrukking geeft aan de persoonlijkheid van de maker, hetgeen betekent dat zijn geleverde intellectuele inspanning doet blijken van originaliteit. De waarneembare vormgeving dient ook niet geheel onveranderlijk te zijn om auteursrechtelijke bescherming te genieten. Het Hof beoordeelt het radioprogramma in zijn totaliteit en stelt dat de individuele elementen ’as such’ zoals spelletjes, interviews, evenementenagenda, … ’gemeengoed’ zijn, maar de wijze van samenstelling ’de wijze waarop ze in hun onderlinge samenhang vorm hebben gekregen verschaft het geheel de nodige originaliteit’.

Werken uitgesloten van de bescherming door de auteurswet

Bepaalde categorieën van werken worden door de Auteurswet uitdrukkelijk uitgesloten van bescherming, zoals de redevoeringen uitgesproken in vergaderingen van vertegenwoordigende lichamen, in openbare terechtzittingen van rechtscolleges of in politieke bijeenkomsten. Deze mogen vrij worden gebruikt. Alleen de auteur heeft echter het recht om ze afzonderlijk uit te geven.

Verder bestaat er geen auteursrecht op officiële akten van de overheid. De teksten van het Belgisch Staatsblad en overige publicaties van de overheid (bv. verslagen van parlementaire werkzaamheden) worden door de wet dus uitgesloten van bescherming. Dit principe mag echter niet te ruim worden geïnterpreteerd. Bundels van wetteksten op privé-initiatief die door hun keuze en rangschikking origineel zijn, kunnen wel auteursrechtelijke bescherming genieten.

Werken die behoren tot publiek of openbaar domein

Ook uitgesloten van bescherming zijn de werken die tot het ’publiek domein’ behoren. In principe behoort een werk in de volgende twee gevallen tot het openbaar domein:

  • ofwel omdat de prestatie niet is beschermd door het auteursrecht: dat is het geval bij werken zoals bv. afbeeldingen, foto’s, teksten, enz. die niet oorspronkelijk of origineel zijn, dat wil zeggen dat ze niet de persoonlijke stempel van de auteur dragen (de zogenaamde banale werken);
  • ofwel omdat de auteursrechtelijke beschermingstermijn is verstreken: de algemene regel is   dat de auteursrechten blijven bestaan gedurende het hele leven van de auteur en 70 jaar na zijn overlijden of na overlijden van de langstlevende auteur in het geval van een in samenwerking tot stand gekomen werk.
Print Friendly